Gerelateerd
| ‘Dat zingen van Benoît, een hoogtepunt’ |
|
|
|
| Geschreven door Martin Rep |
| woensdag 22 juli 2009 07:27 |
|
Heel veel indruk maakte bijvoorbeeld op het feest na het toernooi de liederen die sommige spelers zongen, met name Benoît Messi Fouda en Zsanett Lakos. Zo vertelt Eveline Broers: “Waar ik me vooraf het meest op had verheugd, het internationale karakter, kwam ook dit keer weer helemaal uit de verf. Het was echt weer vrienden terugzien en nieuwe vrienden maken. Dat, en de sportieve sfeer die er heerste, maakte het speciaal. “Na afloop van het galadiner zaten we met een groep van zo'n dertig spelers bij elkaar in de binnenzaal. Plotseling stond Benoît op en begon te zingen: Amsterdam van Jacques Brel. Het bleek dat hij een prachtige stem had en een heel goede vertolker van Brel was: kippenvel gewoon. “Hij zong nog een lied en daarna hebben we Zsanett uit Hongarije gevraagd of ze wilde zingen. Die heeft een geschoolde stem en in de overdekte binnenzaal met een heel goede akoestiek was dat heel indrukwekkend. Natuurlijk ging het zingen door en op mijn verzoek heeft Tina toen nog geregeld dat Jeppe kwam om het Midzomernachtslied te zingen dat ook gezongen werd in Kopenhagen op het galafeest. De sfeer toen in de zaal was voor mij echt een hoogtepunt.” Ook Gerda van Oorschot herinnert zich die avond: “Benoît zong liedjes van Jacques Brel: wat heeft die man een mooie warme diepe stem! Na wat aanmoedigingen van het publiek zong ook Zsanett Lakos met haar mooie heldere stem een klassiek stuk en later met haar zus Angela wat Hongaarse volksliedjes. Mooie ontroerende momenten.” Ook Yvonne van der Heide noemt dit als haar ‘kippenvelmoment’. Upper TwoAdrie van Geffen zal zich de stenen blijven herinneren, waaraan steeds meer zweet begon te kleven. “Gelukkig was de middagpauze op vrijdag dusdanig lang en het hotel zo dichtbij dat ik het me kon permitteren tussentijds een douche te pakken en een verschoninkje aan te trekken. De laatste ronden op zaterdag waren de stenen al zo vies van het zweet dat regelmatig bij het optillen van een steen uit de hand, er twee andere aan vastgeplakt zaten. Opmerkelijk was dat het vooral de Japanse dames waren die voor ze met een dergelijk spel gingen spelen, dit een grondige schrobbeurt gaven.” John Kuijpers: “Els en ik zijn te weten gekomen dat Zeger uitermate goed kan dansen en dat het gevaarlijk is een glas met peuken op het balkon te zetten. Het kan zomaar naar beneden worden gestoten. Nietwaar, Désirée”, voegt hij daar veelbetekenend aan toe. Janco Onnink is benieuwd benieuwd naar de foto's van de Italiaanse dames met Marco Milandri. “Vlak voor het afsluitende dinner moesten er nog wat kiekjes worden gemaakt, door een windvlaag werden de Upper Two van een Italiaanse dame, gekiekt…”
Voor Yvonne van der Heide was hét moment van het toernooi de paardenrace. “Geheel onverwacht heb ik daar aan meegedaan en dat was helemaal te gek. Zie ook de foto van de twee onverschrokken jockeys.” (foto links) Eveline Broers ten slotte denkt ook met genoegen terug aan ‘een Japanse speler die niet praat tijdens het spelen uit respect voor het spel.” WereldkampioenschapKan Nederland ‘Baden 2009’ overtreffen als het volgend jaar het wereldkampioenschap gaat organiseren? Bijna iedereen die MahjongNews ernaar vroeg, vond dat de Nederlandse Mahjong Bond gewoon zijn eigen koers moet varen. Zoals Désirée Heemskerk: “Het belangrijkste als je een internationaal toernooi speelt, is dat je na afloop kunt zeggen: ik heb genoten, want het was een goed georganiseerd toernooi, waar ik lekker heb kunnen spelen. Dus dient een aantal basiselementen geregeld te zijn: zorg voor een goede locatie met tafels/stoelen, mahjongstenen en loopschema's, aangevuld met goed eten en drinken. Alles wat extra is, is meegenomen maar niet noodzakelijk. “Het moet geen competitie tussen toernooien worden, het is onmogelijk steeds beter te zijn dan voorgaande toernooien. Kopenhagen 2007 was al totaal anders, maar ik het het daar toch echt naar mijn zin gehad. Ieder toernooi moet zijn eigen eigenheid hebben. En waarin zouden ze elkaar moeten overtreffen dan? Locatie, diners, prijzen, sfeer... Onzin, vind ik.” Dat vind ook Janco Onnink. “Het organiseren van toernooien is geen wedstrijd. Kopenhagen 2007 was minder dan Baden, maar ook daar heb ik genoten. Nederland moet een WK organiseren dat goed en degelijk is, en er hoeft niet per se vuurwerk bij.” “Ik denk niet dat je moet proberen te overtreffen, maar proberen uniek te zijn”, vindt ook Gerda van Oorschot. “Ik heb nu driemaal een OEMC meegemaakt, en op alle drie kijk ik met veel plezier terug. Gewoon omdat elk toernooi iets unieks had.” Adrie van Geffen laat zich er liever niet over uit: “Dat is een wedstrijd op een ander niveau, waar ik me als speler niet tegenaan wil bemoeien.” En John Kuijpers: “Wij hebben niet zo’n locatie als in Oostenrijk. Daarnaast moet het denk ik geen competitie worden wie het beste toernooi kan neerzetten. Het mahjongen moet centraal blijven staan.”
Qua entourage en luxe kan je hier eigenlijk niet overheen, wij zullen dus een ander uitgangspunt moeten kiezen.” Wat Eveline betreft, wordt dat de vriendschapsband tussen de landen onderling. “In Baden kon alles in de buitenlucht, tijdens de pauzes ontmoetten we elkaar op heel mooie plaatsen, dan maakt mensen wellicht ook welwillender. Of de lunch dan super-de-luxe is, maakt niet zoveel uit. Ik merkte wel dat het fijn is om ruimte te hebben, dat het geen dringen wordt en zo. Dat zijn wel aandachtspunten.” Voor Zeger de Jong mag Nederland ‘Baden’ best overtreffen. Zou mooi zijn, zegt hij, en: “Misschien kan ik nog van nut zijn.” Ook van Gertjan Davies mag het best: “Volgens de geruchten is het nog niet zeker dat het budget van het WK gehaald gaat worden. Dus daar staat een bepaald prijskaartje tegenover. Er moeten prioriteiten worden gesteld. Doorgaan is het belangrijkst en mocht er de middelen zijn om Baden te overtreffen, dan graag, maar wel in de juiste prijs-kwaliteitverhouding.” Dit is de laatste aflevering in een serie van drie over Nederlandse ervaringen tijdens het OEMC 2009 in Baden.Aflevering 1: Ik heb me nog nooit zo vaak gedouchtAflevering 2: Gelukkig geen gezeur over de regels |
| Laatst aangepast op zondag 02 augustus 2009 22:18 |






BADEN - De mensen zullen nog jaren over dit toernooi napraten, zeiden organisatoren Otto Myslivec en Norbert Tschinkel in een (Engels)
Nog een herinnering van Eveline: “Zsolt Nyuasi uit Hongarije had zijn zelfgestookte brandewijnen meegenomen: Palinka, perzikenjenever en pruimenjenever. Voor iedere ronde nam hij een glaasje en werden we uitgenodigd om mee te lopen naar zijn auto voor een slok. De klep ging dan open en daar stond dan een schoenendoos waarin zo'n dertig borrelglaasjes zaten, een koelbox en zijn flessen. Ik noemde het zijn ‘car-bar’. Meer dan een bodempje hoefde je niet te nemen. Het schroeide je keel door en waarschijnlijk zijn alle bacteriën in mijn slokdarm ten onder gegaan. Ik denk dat zijn perzikenjenever uitstekend geschikt is om de ramen schoon te krijgen. Het fijne van Zsolt is dat hij hartelijk kan lachen als je hem dat vertelt.”
Eveline Broers vindt evenmin dat Nederland het nu moet proberen nog mooier te doen. “Niet proberen ook, want dat gaat gewoon niet lukken. Onze volksaard is ook niet zo. Dit paste helemaal bij de Oostenrijkers, wij vinden een lunch met een broodje ook prima.